We zitten in een klein bergdorpje als we terugkijken op de dag van gisteren. De eerste dag van onze jungle tocht. We zitten om een kampvuur heen wat ons warm houdt. Het is namelijk een koude nacht geweest.
Onze groep bestond voor de eerste dag uit vier duitsers en Bettina en ik. Daarnaast waren er twee gidsen. Het waren echt het stereotype Duitsers, luidruchtig en zeer aanwezig. Ze maakten zoveel lawaai dat het rustige en vredige van het dorpje zwaar verstoord werd. Zeer irritant. Constant moest de muziek van de mpeg3 speler aan met merendeels Duitstalige muziek.
Dit is ook gelijk de reden waarom wij liever niet meegaan met groepsreizen. Vaak tref je het. Maar soms heb je gewoon domweg pech en zit je vast aan mensen die je het liefste direct vaarwel zou willen zeggen.
Nadat de Duitsers verder zijn gegaan met hun gids, genieten Bettina en ik van de stilte. We komen letterlijk bij en genieten van de rust en de omgeving. Nu horen we de vogels, de dorpse geluiden van mensen die bezig zijn met hun dagelijkse werkzaamheden. Heerlijk. Dit is waarom je zo'n toer doet.
Maar terug naar de vrijdag. De start van onze toer.
We worden als eerste opgepikt bij ons Hotel. Voor die tijd hebben we genoten van ons ontbijt. De koffers worden opgeslagen in het hotel. Deze pikken we later op na de jungle toer.
We worden vervoerd in een pick-up truck. In de pick-up truck zijn banken gemonteerd. Alles is back-to-basic. Nadat we zijn ingestapt, gaan we door naar het andere hotel om de Duitsers op te pikken. Gelijk is het een grote herrie.
We reizen naar het Samoeng district. De eerste stop is bij een Tijger zoo. Daar kan je, tegen betaling van 350 bath, een tijger knuffelen. Dat lijkt me wel wat. Het maakt grote indruk op me. Ik heb veel respect voor deze grote katten. Er zo dicht bij in de buurt zijn, ze aanraken, ja zelfs je kop tegen ze aan leggen is een unieke ervaring. Bettina ziet het niet zo zitten dit na te doen. Ze vind het zielig. In feite heeft ze daar ook wel gelijk in. Tijgers horen in het wild. Maar inmiddels zijn de tijgers in Thailand een met uitsterven bedreigde diersoort. Dit soort centra zorgen ook voor het voortbestaand van deze prachtige kat.
Samen met een Duitser en een oppasser gaan we naar binnen. Daar hebben we ongeveer een twintig minuten de tijd om met de tijger door te brengen. Bang ben ik zeker niet. Het is meer een gevoel van ontzag.
Daarna gaan we door naar de lokale markt (Mae Rim ). Daar doen we nog de laatste noodzakelijke inkopen, zoals een tasje voor de 1 1/2 liter fles water en toilet papier.
Vervolgens gaan we met de pick-up de berg omhoog. We gaan naar zo'n 1500 meter boven zee niveau. Bettina werd een beetje misselijk van alle haarspeld bochten. Vervolgens komen we aan in een nationaal park. Allereerst gaan we naar een prachtige waterval. Het water valt van hoog naar beneden. Het water is schoon en er zijn maar weinig toeristen. We genieten van deze tussenstop. We doen onze schoenen uit en stappen in het water. We kunnen ons voorstellen dat in het regenseizoen deze waterval nog mooier als nu.
Daarna lopen we verder door. Daar zijn heetwaterbronnen. Na nog een laatste sanitaire stop op een westerse WC, gaan we op weg naar de heetwater bronnen. Het water borrelt uit de grond. Het stinkt er naar rotte eieren. Maar het is wel een indrukwekkend gezicht.
Vervolgens gaat onze gids Sunshine van de officiele paden en trekken we de jungle in. Het eerste gedeelte gaat stijl omhoog een berg op. Sunshine heeft er flink de vaart in gezet. Hij wil ons testen (dat heeft hij ons achteraf verteld) om te zien wat voor een vlees hij in de kuip heeft. Het zweet staat op onze ruggen. Het is echt flink aanpoten. Een gedeelte van onze Duitse vrienden heeft veel ervaring men wandelen. Ze lopen met onze Gids Sunshine voorop. Het andere gedeelte van de Duitsers niet. Wij bungelen er tussen in.
Daarna dalen we aan de andere kant van de berg af. We komen aan in een klein dorpje. De huizen staan hier op palen. Onder de huizen staan de beesten. Een mengeling van kippen, varkens en runderen. Ook zijn er veel honden. De honden zijn hier onderdanig en mager. Heel anders dan in Holland.
Er is hier geen aansluiting op het vaste net. Electriciteit wordt gewonnen via solar cellen. Elke huis heeft er een. Het zorgt ervoor dat men in de avond ook licht heeft. De overheid stimuleert het gebruik van deze zonne energie.
De bevolking van dit dorp is verlegen. Ze zoeken zeker niet het contact. We moeten het contact maken. "Sa Wa Die Ka" (de Thaisen begroeting van vrouwen) en "Sa Wa Die Krab" (de Thaise begroeting van mannen) werkt hier niet. Hier wordt een totaal ander dialect gesproken.
Vervolgens gaan we weer een nieuwe berg op. Het uitzicht op de bergkam is prachtig. We genieten van het uitzicht. Maar het begint al laat te worden. Spoedig zal het donker zijn en we moeten nog afdalen naar het dorp waar we blijven slapen. Bij de afdaling zijn we toch best wel angstig. Het gaat zeer stijl naar beneden. Ik berg me camera maar op, want ik ben bang elk moment te vallen. We kunnen ons niet voorstellen dat mensen in het regenseizoen op deze berg afdalen. Toch gebeurd het elk jaar weer. Mensen staan doodangsten uit, althans dat verteld onze gids. Toch gebeuren er weinig ongelukken. Hoogstens een pijnlijke bips en beten van de bloedzuigers.
Het gaat schemeren als we totaal kapot ariveren in het dorpje. Dit dorpje is ietsje groter als het eerste dorpje. We slapen in het huis van een familie. Daarbij moet je je een grote kamer voorstellen waar we allemaal slapen. Het is geen lux bed. Alles behalve dat. We slapen op de grond. Van dekens is een matras gemaakt. Voor ieder is er eentje. Er zijn muskieten netten, maar deze hebben allemaal grote gaten. Wij hebben echter ons eigen muskietennet. Een in no-time hebben we onze zaken goed geregeld. We hebben onze eigen lakenzakken meegenomen. Dat maakt onze dunne slaapzaak iets dikker.
Het koelt snel flink af. We weten wat het is om te kamperen. Dus we hebben onze voorbereidingen getroffen. Dit in tegenstelling tot onze Duitse (vrienden). Deze hebben nergens aan gedacht. Wij slapen die nacht prima. Dit in tegenstelling tot de Duitser, die een helse nacht doorstaan. Ze hebben het allemaal veel te koud. Eigen schuld, dikke bult.
Om 19.00 uut is het super donker. We nemen eventjes afscheid van onze Duitse herriemakers om te kijken naar de sterrenhemel. Het is een prachtig shouwspel. Zo veel kleine lichte puntjes aan te hemel. Dat zie je niet meer in de randstad.
Als we 's ochtends opstaan, ademen we damp uit. Zo koud is het dus. De kippen beginnen rond 03.30 met kraaien. Gelukkig hebben we allebei oordopjes in (om maar niet die snurkende Duitsers te horen)
We gaan zo meteen beginnen aan dag twee van de Jungle toer. Onze gids heeft een prima ontbijt klaar gemaakt. We staan nu klaar om weer van start te gaan. Het belooft een warme dag te worden.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten